Een lastige ambitie voor zelfbouw is circulair bouwen. In de maalstroom van de bouw is er weinig ruimte voor het gebruik van ’toevallig’ sloopmateriaal of voor reflectie over bouwmaterialen. Wij hebben daarom gekozen voor een praktische benadering door onderweg enkele bijzondere mogelijkheden van hergebruik op te pakken. Hieronder illustreren we dat voor een paar toegepaste materialen.
De ambitie
Bij onze toepassing van de gemeentelijke praktijkrichtlijn gebouw (GPR) was de ambitie voor het onderdeel ‘Milieu’ met een 7,5 het laagst ingezet. Hieronder valt het materiaalgebruik met de aspecten milieuprestatie, circulair materiaalgebruik en water. De zonnepanelen blijken een grote boosdoener voor de slechte materiaalscore. Het onderdeel ‘Milieu’ trok de ‘over all’ GPR-score van onze woning omlaag naar een 8,4.
Onder de noemer circulair zijn enkele bouwprincipes standaard toegepast. Zoals een slanke bouwconstructie en een duidelijke scheiding tussen de constructie en de afbouw/inrichting. We hebben discussies over bijvoorbeeld het percentage puingranulaat in beton gemeden. Dat vonden we te weinig controleerbaar en zichtbaar. Wij wilden kansen voor hergebruik pakken die zich voordoen.
Sloophekwerken omkatten
Tijdens onze bouw begon men met de sloop van de wederopbouwflat aan de Turfstraat. Ons vielen de kenmerkende metalen balkonhekwerken van deze flat al eerder op. Na een bouwoverleg waarin de hekwerken voor onze balkonnen op de agenda stonden, viel het kwartje. Waarom vragen we de slopers niet of wij enkele van de oude hekwerken kunnen afnemen? De medewerkers van sloopbedrijf Putman vonden het geen probleem om een drietal hekwerken met een shovel bij ons af te leveren, in plaats van in de oud ijzer container. Tegenprestatie: 2 Droom appeltaarten!
We hebben vervolgens aan metaaltechniekbedrijf Bodt gevraagd of zij van deze hekwerken 2 nieuwe balkonhekwerken konden maken voor onze woning. Dat bleek ingewikkelder dan gedacht. Allereerst voldeden de hekken helemaal niet aan de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit. De hoogte was circa 10 cm te kort, en de spijlen stonden bijna 20 cm van elkaar (eis max 10 cm). Bovendien waren met name de voetjes aan de onderkant doorgeroest.
Voor de hekwerken is daarom een aangepast ontwerp gemaakt. De oude hekwerken zijn vervolgens gestraald, omgebouwd, op maat gelast en gespoten. Vanaf een afstandje lijken ze als nieuw, van dichtbij laat de verweerde reling het oude verhaal zien. Met de kenmerkende hekwerkbeplating op de voorgevel van onze woning blijft een beeltenis van de oude flat om de hoek voortbestaan.
Oude klinkerbestrating
Een ander, meer voor de hand liggend, voorbeeld van hergebruik zijn oude klinkers voor onze autostalling en patio. Deze waren niet van de locatie zelf afkomstig, want alle verharding had de gemeente al voor de koop volledig verwijderd. ‘De Oude Klinker’ in Beuningen bleek een uitgebreide verzameling oude bestrating in voorraad te hebben. Wij hebben voor de autostalling gekozen voor de robuuste klinkerkei. Voor de patio viel onze keuze op een geel-bruin waalformaat steen. Deze stenen scheppen als vanzelf een doorleefde indruk in onze verder strakke en moderne woonomgeving.
Voors en tegens
Hergebruik van materialen wijkt af van het reguliere bouwproces en vraagt om extra inzet. Een kostenvoordeel levert het niet op. Sterker, de ombouw van de hekwerken zorgde voor meerkosten. De smid gaf aan dat een nieuw, nagemaakt, hek goedkoper zou zijn geweest.
Bij de bestrating zijn de kosten minder een factor. De oude bestrating is wat bewerkelijker in aanleg, maar goedkoper dan bijvoorbeeld tegels. De uitstraling is echter veel levendiger dan met tegels of betonbestrating. Dat is ons veel waard!