In ons streven naar nul-op-de-meter is een goede isolatie van onze woning richting het niveau ‘passiefhuis’ een belangrijke conditie. Daarmee houden we de verwarmingsbehoefte en die van koeling beperkt. Naast isolatie is een zeer goede luchtdichtheid van belang. Dit tezamen zorgt voor een comfortabel huis. Het realiseren van een luchtdichte woningschil gaat verder dan de reguliere bouw. We hebben daarom het gespecialiseerde bureau Van Der Kleij ingehuurd om de uitvoering te bewaken. De bouwpraktijk bleek weerbarstig, en had enkele onvoorziene en zelfs onaangename verrassingen voor ons in petto. Daardoor is 3 jaar na bewoning onze woning nog steeds niet af, en is de woningschil nog altijd ‘lek’.
Pragmatisch naar nul-op-de-meter
Een goed geïsoleerd en luchtdicht huis, gecombineerd met een laag temperatuursysteem (bodemwarmte) en automatisch ventilatiesysteem met warmteterugwinning, zorgt voor een permanent goed binnenklimaat. En dat zowel in de winter als in de zomer. Daarbij maken wij allereerst gebruik van passieve warmte en koeling: volwassen bomen aan de voorzijde van de gevel dienen als zonwering tijdens de zomer en geven -zonder blad- warmtewinst van de zon door in de winter.
Een laag energieverbruik is mogelijk door het warmteverlies zo veel mogelijk te beperken en warmtewinst juist te maximaliseren. Ons streven is een zodanig laag gebouwgebonden energiegebruik, dat wij niet alleen deze zelf kunnen opwekken (= energieneutraal), maar ook ons gebruiksgebonden energiegebruik (=nul-op-de-meter). Met andere woorden dat ons huishouden over het jaar heen evenveel energie opwekt als gebruikt.
Eerste stap daarvoor is te zorgen voor een goede thermische schil van onze woning. Onze woning kent de volgende uitgangspunten (onderdeel EPG, 2017):
Vanzelfsprekend zijn tegelijk hoge eisen gesteld aan de aluminium kozijnen met HR+++ glas. Onze woning heeft weinig verwarming nodig met een berekende energiebehoefte voor verwarming van 25 kWh/m2 (passiefhuis = 15 kWh/m2 per jaar voor ruimteverwarming tot 20° C). Het lage temperatuursysteem met een bodemwarmtepomp is qua capaciteit hierop afgestemd; gebaseerd op een nZEB-berekening. De energieproductie moet via zonnepanelen gaan gebeuren. Daar kwam al snel een kink in de kabel, zie de andere blog over Energie.
Goed geïsoleerd en luchtdicht bouwen
De isolatiewaarde is een gegeven waarmee de aannemer goed uit de voeten kan. In de gevel van onze woning is PIR toegepast. Dit materiaal kent een hoge isolatiewaarde in verhouding tot zijn dikte. En dan nog is een isolatiepakket van 16 cm dik tegen de gevel nodig om aan onze uitgangspunten te voldoen.
De luchtdichtheid van de woning is een complexere opgave. De woning moet zeer luchtdicht zijn om warmteverliezen via kieren, spleten en aansluitingen te vermijden. Dat komt tijdens de bouw heel nauw. Die nauwgezetheid is nog geen gebruikelijke bouwpraktijk.
Het is belangrijk dat de thermische schil van een woning overal dezelfde isolatiewaarde heeft. Enerzijds om extra energieverlies te voorkomen, maar nog belangrijker is het vermijden van thermische of koudebruggen. Daar koelt de schil plaatselijk meer af, wat condens of schimmel tot gevolg kan hebben. Condens treedt op bij 100% luchtvochtigheid. Schimmel ontstaat al bij een relatieve luchtvochtigheid van 80%. Om die reden moet voorkomen worden dat de bouwkundige schil ergens teveel afkoelt.
Gelet op onze ambitie hebben wij een gespecialiseerd bureau, Van Der Kleij, ingehuurd om de uitvoering te bewaken. Van Der Kleij voerde diverse malen zogenaamde thermografische onderzoeken en blowerdoortests uit. Met een warmtebeeldcamera is aan de binnenzijde en aan de buitenzijde van de woning een goed beeld te krijgen van aanwezige warmte- en luchtlekken. Deze thermografische onderzoeken vonden overwegend in de winterperiodes plaats, vanwege het vereiste verschil in binnen- en buitentemperatuur.
Blowerdoortests
De mate van luchtdichtheid van gebouwen wordt getest met een praktische meting: de ‘blowerdoortest’. Deze meting geeft de luchtdichtheid van de woning weer, uitgedrukt in Qv10 (in l/sec/m2 bij 10 Pa drukverschil en gerelateerd aan het gebruiksoppervlak).
Dat gaat als volgt. Met een blowerdoor (propeller) zet Van Der Kleij de woning in over- of onderdruk. Om een objectieve waarde voor de luchtdichtheid te bepalen wordt de meting volgens een protocol uitgevoerd waarbij de druk stapsgewijs wordt verhoogd of verlaagd. De extra in te blazen lucht, wanneer binnen een overdruk gecreëerd is, of de extra weg te zuigen lucht, wanneer een onderdruk is gecreëerd, geeft aan hoeveel lucht respectievelijk ontsnapt of aangetrokken wordt via scheuren, kieren en andere wanddoorbrekingen.
Tijdens deze tests spoorde Van Der Kleij meteen luchtlekkages in de woning op. Dat gebeurde door met een rookkanon langs gevelonderdelen te gaan. Bij onderdruk in de woning trekt rook van buiten door kieren de woning in. Dat gebeurde bijvoorbeeld rondom de kozijnen. Een rondgang door de woning liet ons en de aannemer soms versteld staan. De aannemer heeft vervolgens extra maatregelen getroffen om de kieren te dichten.
De afronding
Helaas heeft een van de buren, tegen de regels in, de vrijvallende zijgeveldelen van onze woning afgewerkt. Op die plekken voldoet onze woning niet aan de normen. We hebben daar warmtelekken (zie bijvoorbeeld thermografische foto, rechtermuur boven) en zelfs waterlekkage. De gemeente Arnhem en de omgevingsdienst kijken bij de diverse overtredingen de andere kant op. We zijn inmiddels 3 jaar verder, en de woningschil is nog altijd ‘lek’. Wij vertrouwen erop ooit het volledige resultaat van onze ambitie te mogen ervaren.

